Berichten

Kak, waar raakte ik haar kwijt?!
Het meisje was net weg.
Het was de 2e keer.
Ik baalde.
Het begon zo lekker,
maar op het laatst was ik haar kwijt.

Curlingouders… vorig jaar las ik erover,
in een artikel in het NRC,
Ik vond het een geweldige term,
je snapt meteen wat er wordt bedoelt.
Sindsdien heb ik de afspraak,
met een paar vriendinnen,
dat we elkaar waarschuwen,
als we curlinggedrag vertonen.
Want je hebt het niet altijd door.
De bedoeling is absoluut goed,
je wil teleurstellingen en tegenslagen voorkomen.
Maarja, als ik continue haar straatje schoonveegt,
hoe leert je kind dan zelfredzaam te worden?
Lastige situaties op te lossen?
Vertrouwen te krijgen in eigen kunnen?

Moet je je kind dan helemaal los laten?
Nee natuurlijk niet!
Kinderen leren door vallen en opstaan.
Gun ze ook een keer te vallen,
en help ze weer met opstaan.
Dit is ook wat ik doe in mijn praktijk,
kinderen vertellen mij waar ze moeite mee hebben,
komen met voorbeelden van situaties en ervaringen,
waar ze moeite mee hebben.
Ik kan ze vervolgens platknuffelen maar dat helpt niet.
Dus wat ga ik doen? Oefenen!
Dan kruip ik in de huid van die pestkop,
of spelen we de situatie na,
en dan gaan we onderzoeken:
wat gebeurt er als je dit doet?
wat gebeurt er als je dat doet?
We draaien de rollen om,
bekijken het van de andere kant,
ontdekken, voelen, krijgen inzicht in wat speelt.
Zodat ze vertrouwen krijgen in eigen kunnen,
en weer verder kunnen, zonder mij!

Het artikel in NRC is online nog te lezen,
Zie: https://www.nrc.nl/…/gun-je-kind-ook-eens-een-teleurstellin…

Een leven lang getoetst. Waarom eigenlijk?
Dit weekend in het NRC
Het raakt mij omdat ik steeds meer kinderen zie,
die hierop onderuit gaan.
Inclusief mijn eigen dochter.
En waarom toetsen we eigenlijk zoveel?
Ze gaan er echt niet beter door leren.
Sterker nog, de druk wordt soms zo hoog,
dat het juist averechts werkt.

Waarom ook een leerlingvolgsysteem,
die je als ouder altijd in kunt zien?
Ik heb mij er eerder over verbaasd,
toen ik er voor het eerst over hoorde.
Ik moest denken aan mijn eigen middelbare school tijd,
zo blij dat we dat toen nog niet hadden.

Luie leerling

Ik was een luie leerling moet je weten,
leerde makkelijk en ging pas iets doen,
als er een toets aan kwam.
En als ik dan een slecht cijfer haalde,
had ik een keuze: ga ik dit thuis vertellen of niet?
Kan ik hem herkansen? Ja? Ik vertel niets,
of heel terloops. Er is immers geen reden tot zorg.
Zo niet, dan startte ik met creatief boekhouden,
Deze SO telde maar 1x,
als ik nu voor de volgende toets een 8 haal,
dan heb ik uiteindelijk toch een 7 op mijn rapport,
want die telt zwaarder.
Is dat te doen? Jahoor! dan zei ik niets,
en ging aan het werk.
En ik was echt niet de enige de het zo deed,
velen om mij heen sloegen ook aan het rekenen,
en maakte soortgelijke afwegingen.
Je wilde je ouders immers niet onnodig ongerust maken,
bezorgde ouders op je nek, dáár werd je pas gek van.
En ja…werd het lastig. Dan trok je alsnog aan de bel,
of bereidde je je ouders alvast voor,
op het rapportcijfer dat komen zou.
Die keuze had je zelf als kind.

Nu lijkt de keuze te zijn omgedraaid.
Ga je als ouder je kind volgen?
Ga je iedere keer kijken hoe hij/zij het doet?
Of wacht je de rapporten af?
Zelf heb ik deze keuze nog niet,
maar ben van plan het niet te doen.
Benieuwd wat jij doet!

Weet je wat ik zo grappig vind aan jou?
je bent zo lekker chaotisch!
bekende iemand op school.
Huh… chaotisch… ik?
Ja! zei ze met een grote lach.

Ik? Chaotisch?
Ik? Die haar boeken op kleur in de kast heeft staan?
Ik? Die overal lijstjes voor maakt?
Ik? Die dol is op mappen en tabbladen
Ik? Die ordent en sorteert tot ze er zelf moe van word?
Ik? Die 15 jaar structuur bracht bij haar werkgever?

En toen ik er nog eens over nadacht
realiseerde ik mij: ze heeft gelijk.
Op het schoolplein ben ik inderdaad chaotisch.
Ik start iedere keer weer met frisse moed,
sta op het kleuterplein braaf te wachten op mijn jongste.
Maar neem vorige week…

Mijn oudste komt als eerste aangerend,
dropt haar tas bij mijn voeten,
en vraagt: mag ik bij Marietje spelen?
Voordat ik kan antwoorden,
rent mijn enthousiaste kleuter naar mij toe,
Mamaaaaaaa! Dropt ook haar tas en rent weer weg.
Ik kijk naar mijn oudste,
en voordat ik kan nadenken,
roept marietje: papa brengt haar thuis hoor!
Ehm… ok… prima.
Ohja: hier is mijn fietssleutel: doei!
Kak…haar fiets…
Maar ze is al weg.
Ik check de tas van mijn kleuter,
en loop naar haar toe:
Waar zijn je handschoenen?
Oeps! Vergeten!
Ze rent weer naar binnen.
Dan komt mijn middelste.
Mama! Mag Pietje bij ons spelen?
Jawel. Is ie op de fiets?
Nee… ok.. hij kan wel achterop.
Of wacht, zou hij op de fiets van de oudste passen?
Nee helaas…. te klein.
Ik loop zo even mee naar haar vader of moeder.
Mijn kleuter komt weer aanrennen.
en gooit de handschoenen naast de tassen op de grond.
Mamaaaaaa ik wil bij Kimmetje spelen,
van haar mama mag het!
Dan staat een onbekende vrouw voor mijn neus.
Het blijkt de oma van Pietje.
Pietje gaat met jou mee begrijp ik?
Ehm ja… klopt. Als dat mag tenminste.
Ja geen probleem.
Weet mijn zoon waar jullie wonen?
Want die haalt Pietje dan op.
Jawel… maar wacht…
Als mijn kleuter inderdaad bij Kimmetje gaat spelen,
dan ben ik toch in de buurt,
dus ik breng Pietje wel eerst naar huis,
dan halen we de fiets van de oudste meteen op,
op weg om mijn kleuter op te halen.
Maar… ik ben er wel op tijd,
want vanavond is ook turnen,
dus we moeten op tijd eten.
en de oudste wordt thuisgebracht.
Hoelaat eigenlijk?!

Pfff… vind je het gek,
dat ik wat chaotisch ben,
op het schoolplein?
En dit is meer regel,
dan uitzondering.
Dus als iemand nog goeie tips heeft,
graag….

We stonden voor het eerst,
op een echte familiecamping,
en dát vond ik reuze interessant.
Ik had het idee,
dat ik in een snelkookpan was beland.

Ik zag kinderen tegen dezelfde dingen aanlopen:
dingen willen, die niet mogen,
dingen willen maar (nog) niet kunnen,
dingen moeten delen, die ze niet willen delen,
samen moeten spelen, terwijl ze dat eigenlijk niet willen,
en zoveel nieuwe indrukken/ prikkels krijgen,
dat ze zich er soms geen raad mee weten.

En ik zag hoe ouders hier mee omgingen,
en zich leken af te vragen:
zal ik ingrijpen, of niet?
zal ik mij hier mee bemoeien, of niet?
zal ik ze alleen laten gaan, of niet?
zal ik helpen, of niet?
en vooral… hoe handhaaf mijn grenzen?

Alsof ik de hele dag in de spiegel keek.
Goh, zo kun je dat ook aanpakken, nooit aan gedacht. “
Flitste er geregeld door mijn hoofd,
en werd zo weer een stuk wijzer.

En het mooie vond ik, onder de ouders,
heerste een enorme samenhorigheid.
Als er een kind een heftige driftbui had,
was er geen afkeuring, maar begripvolle blikken.
Als er een kind kwijt was,
was er geen oordeel, maar hielp iedereen met zoeken,
Als een kind s’ avonds uren huilden,
keek niemand er van op.

En toen ik dit vertelde aan de kapster,
herkende ze dit helemaal.
En vroegen we ons samen opeens af,
waarom we op vakantie vaak,
openlijker over onze twijfels praten.
minder snel oordelen,
en rustiger blijven,
Dat we ons minder druk maken,
over (schone) kleren,
genoeg vitaminen,
een opgeruimde tent/ huis/ caravan,
en andere dingen.
Of lijkt dat maar zo?

Zou het komen omdat er geen tijdsdruk is
en je als ouder relaxter bent?
Zou het komen omdat je toch alles hoort,
en je niets kunt verbergen?
Zou het komen omdat je meer buiten bent,
en je niet van 9 tot 5 achter een beeldscherm zit?
Zou het….. we kwamen er niet uit…

Ik realiseerde mij wel, hoe belangrijk het is, dat dit gebeurt.
Want zoals één moeder op de camping verzuchtte,
het is alleen al zo fijn dat je weet,
dat je niet de enige bent….

De laatste tijd heb ik steeds vaker boze kinderen in mijn praktijk. Kinderen die driftbuien hebben. Boos worden om ‘niks’. Zich afreageren op broer of zus. Gooien met dingen. Of slaan met deuren. Vaak gevolgd door een wanhopige moeder. Ze begrijpt niet waarom haar kind boos is. Vraagt er naar met als gevolg dat haar kind nog bozer word. Doet haar best haar kind te helpen en krijgt alleen maar de deksel op haar neus. En bij iedere goed bedoelde poging contact te zoeken, lijkt de deur alleen maar nog harder dicht te gaan.

Hier volgen vijf tips om minder te piekeren en heerlijk te slapen!

1. Beweeg!

Dit klinkt misschien een beetje gek maar het werkt echt als een dolle. Door te bewegen zak je vanzelf uit je hoofd. Dit kan een fijne avondwandeling zijn of een potje voetbal maar je kunt ook een fijn muziekje opzetten en gaan dansen. Zeker heel leuk om met kinderen te doen. Iedereen kiest zijn favoriete nummer en dansen maar!

2. Zet beeldschermen op tijd uit

Onderzoek van Harvard Medical School toont aan dat het blauwe licht van een beeldscherm er niet alleen voor zorgt dat je moeilijk in slaap valt. Ook de kwaliteit van de slaap díe je krijgt wordt sterk verminderd! De backlights van beeldschermen zorgen voor een afname van het melatonine-hormoon. Dit hormoon beïnvloedt het slaap- wakkerritme waardoor je niet in slaap kunt komen en daarnaast slaap je onrustiger. Voorkom daarom dat je kind voor het gaat slapen nog achter de TV of een ander beelscherm zit.

3. Massage

Massage is een hele fijne manier om kinderen te laten ontspannen. Zelf heb ik, toen mijn oudste dochter nog baby was, een workshop Shantala massage gevolgd en deze technieken pas ik nog steeds toe. Dit kan gewoon over hun pyama heen. Begin bij het hoofd en eindig bij de voeten. Doe dit in stilte. Op het eind kun je even wat langer de voeten vasthouden. Indien je ze op de blote huid masseert kun je ook gebruik maken van bijvoorbeeld lavendelolie. Dit heeft een extra ontspannende werking.

Maak het niet te moeilijk. Een massage kan heel eenvoudig. Maar mocht je toch graag technieken willen leren, zoek dan eens op workshop shantala of kindermassage. Er is vast een workshop bij jou in de buurt!

4. Ontspanningsoefening

Deze oefening kun je eigenlijk overal doen. Ook overdag, als je merkt dat je kind onrustig of gespannen is. Hij komt uit het boek Stresskids van Wendy Peerlings (aanrader!) en heet ‘in de knoop en uit de knoop’. Ga rustig staan, zitten of liggen. Kruis je enkels over elkaar. Kruis je armen, laat de handpalmen naar elkaar wijzen en grijp met de handen in elkaar. Draai nu je armen van onderuit naar boven en je armen zijn gekruist voor je borst. Adem rustig door terwijl je met je tong op de inademing tegen je gehemelte duwt en bij de uitademing weer ontspant. Doe deze oefening ruim een minuut en je zult merken dat je kind rustiger word.

5. Blablablablabla

Deze oefening kreeg ik zelf ooit bij een meditatietraining en ik heb gemerkt dat kinderen het geweldig leuk vinden om te doen. Ooit heb ik hem gedaan bij het zoontje van goede vrienden die niet kon slapen. Eerst keek hij mij aan of ik gek was geworden. Daarna begon hij heel hard te lachen en uiteindelijk deed hij toch mee en viel hij met een grote grijns in slaap.

Wat doe je? Alle gedachten die in je hoofd rondspoken, geef je geen woorden maar je uit ze wel. Het enige woord wat je gebruikt is ‘bla’. Als het boze gedachten zijn, zeg je heel boos blaBLABLABLA. Het kan ook vrolijk. Verdrietig. Serieus. Gebruik verschillende tonen en emoties. Je hele lijf mag meedoen. Dus als je boos bent dan blaat je gewoon door de kamer, ben je vrolijk dan huppel je er bij. Je kunt echt een heel gesprek met elkaar voeren, enkel met het woord ‘bla’. Doe dit net zolang tot je hele hoofd leeg is. Zo leuk om te doen!

Een tijdje geleden was ik bij een themabijeenkomst over regels en grenzen. Eén van de adviezen die werd gegeven was om je kinderen te belonen als ze zich aan de regels houden. De sheet op de powerpoint presentatie toonde een voorbeeld van een sticker beloningssysteem. Mijn nekharen kriebelde. Een beloningssysteem…. dat je zoiets gebruikt bij het opvoeden van je hond snap ik,  maar bij je kind heb ik het nooit begrepen.

Bij ons thuis…

Misschien komt het ook wel door mijn eigen opvoeding. Wij woonden boven de winkel van mijn ouders en ze werkten ruim 6 dagen in de week. Mijn ouders vonden het vanzelfsprekend dat we af en toe hielpen in de winkel of een klusje deden. Zij deden immers ook heel veel voor ons. Zo herinner ik mij een gesprek die ik ooit als kind met mijn vader voerde. Ik moet 12 geweest zijn en vroeg of ik de auto mocht wassen. Maar natuurlijk antwoordde mijn vader. Enne… wat krijg ik er voor pap? Hoe bedoel je? vroeg mijn vader. Nou wat krijg ik als ik de auto was? Met een brede glimlach zei hij: nou wat dacht je van een glimmende schone auto? Een heerlijk warm bedje vanavond? Een gezonde maaltijd. Dat je kleding wordt gewassen en gestreken? Is dat voldoende denk je?

Een goed rapport was je beloning voor je harde werk op school. En als je iets wilde hebben dan spaarde je je zakgeld en als dat niet snel genoeg ging dan zocht je een baantje zoals de auto wassen van de buurman. Spartaans? Ik geloof het niet. Mijn vader zou van zijn stoel van verbazing vallen als hij zou horen: Meid wat goed dat je op de wc hebt geplast: sticker! Jongen wat fijn dat je je kamer op hebt geruimd: zakgeld! Oh door naar het volgende badje met zwemles? Een ijsje!  Goed rapport? Geld! En die verbazing deel ik.

En nu?

Als ik om mij heen kijk wordt het zo vaak gedaan. In gezinnen. Op scholen. Het wordt geadviseerd op informatieochtenden. Er bestaat zelfs een hele website met gratis beloningskaarten!  Maar tegelijktijd vraag mij serieus af: helpt het? Want wat als je kind keihard werkt en het gewoon nog niet lukt met zwemmen of het tempo op school te hoog ligt? Krijg je dan minder of niks? Daarnaast kan het ook averechts werken. Zo ontdekte ik laatst dat mijn dochter iets niet had vertelt aan juf omdat ze bang was dat ze ‘anders geen sticker zou krijgen’…

En dan even heel praktisch. Ik kan beginnen met stickers, daar is mijn 3 jarige nog wel blij mee maar bij mijn 8 jarige hoef ik er echt niet meer mee aan te komen. Wat doe je dan? Ik lees op een website verschillende suggesties zoals ‘ éen uurtje iets leuks doen met mama’ Huh? Moet ik dan eerst wachten tot mijn dochter 10 stickers heeft geplakt voordat ik iets leuks met haar kan doen?

Ik merk dat ik er echt moeite mee heb. Tuurlijk krijgen mijn kinderen wel eens iets leuks maar ik probeer het niet te koppelen aan een prestatie of ‘gewenst gedrag’. Whatever gewenst gedrag ook moge betekenen. Dus we nemen de oude regel van mijn ouders over en geven geen geld voor een rapport maar gewoon omdat het vakantie is.

Simpelweg blij zijn met je prestatie of het puur doen voor het plezier is toch genoeg? vraag ik mij af. Toen ik deze overpeinzing aan manlief voorlegde zei hij met een brede lach: nee, schat. Kijk maar in het huidige bedrijfsleven. Als bij onze salesafdeling weer een klant is binnengehaald, gooien ze een balletje in een plastic buis. En bij x-aantal balletjes gaan ze als beloning iets leuks doen. Alleen het salaris is niet voldoende. Echt?!? Echt… Ik word echt oud geloof ik…