Wat mij opvalt bij introverte kinderen is dat ze vaak een langere aanloop nodig hebben maar als ze zich eenmaal veilig en ontspannen voelen, dan gáán ze! En bij die aanloop kun je ze heel goed ondersteunen. Voorbeeld? Volgende week gaan jullie gaan naar het grote 25e huwelijksfeest van je zus. Een feest die je niet wil missen en waar je graag met je gezin naartoe wilt gaan. En waarvan het je grote wens is dat iedereen het naar zijn zin heeft. Hoe zou je dat aan kunnen pakken?

Introduceer het ruim van tevoren en kijk hoe erop wordt gereageerd.

Als je iets gaat doen, vertel het dan het liefst ruim van tevoren. Wachten tot het laatste moment werkt averechts. Vertel dus zo vroeg mogelijk dat jouw zus, tantje Marietje, 25 jaar getrouwd is met oom Pietje en dat ze een groot feest geven. Vind je kind het leuk, spannend, angstig? Onthou dat alles er mag zijn, zonder oordeel! Dus als je kind het spannend vind, dan is het spannend. En niet: nee joh gekkie, dat is toch hartstikke leuk!

Afhankelijk van wat het is, kan het soms helpen om een aftelkalender te maken. Jonge kinderen hebben namelijk geen besef van tijd. Zo kunnen ze zien wanneer ze wat gaan doen. Teken er ook andere  bekende activiteiten bij en wat je erna gaat doen. Dus over 7 dagen is op zaterdag het grote feest van tante Marietje en oom Pietje. De dinsdag ervoor is het zwemles. Woensdagmiddag ben je lekker vrij en gaan we wandelen op het strand, de zondag na het feest blijven we lekker thuis etc. Dit kan met hele eenvoudige hokjes en icoontjes.

Maak samen een plan: wat gaan we doen en wat gaan we niet doen?

Maak dit zo concreet mogelijk. Dus we gaan in de ochtend eerst ontbijten, dan heb je lekker tijd om te spelen. Na de lunch gaan we met de auto naar het feest toe. Daar zijn we de hele middag en blijven we eten. Na het eten gaan we weer naar huis. Spreek ook af wat jullie doen als het teveel is. Denk aan materialen die je mee zou kunnen nemen. Neem bijvoorbeeld een kleurboek en stiften mee zodat jullie even kunnen afzonderen. Of een voetbal om een balletje over te trappen. Ook kun je afspreken eerder weg te gaan. Wat je ook afspreekt: hou je er aan! De afspraken moeten dus voor alle partijen kloppen.

Oefen eventueel thuis. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een rollenspel

Als je kind daar behoefte aan heeft kun je oefenen van te voren. We komen straks binnen en daar zullen oom Pietje en tante Marietje zijn. Die gaan we eerst feliciteren en een cadeau geven. Wat kun je zeggen? Hoe en wie geeft het cadeau? etc. Het hoeft geen ingestudeerd stukje te zijn maar het geeft wel houvast.

Ga eerst kijken of ga eerder.

Zorg bijvoorbeeld bij zo’n groot feest dat je er als eerste bent zodat je kind kunt wennen en niet meteen een drukke ruimte vol mensen binnen stapt. Dan kun je rustig even rondneuzen. Ontdekken waar de toiletten zijn, of er een ruimte is waar je eventueel even rustig kunt zitten. Maak er een ontdekkingsreis van. Maak eventueel ook afspraken van tevoren met het bruidspaar zodat ze op de hoogte zijn en er geen ongemakkelijke situaties ontstaan en het ook niet persoonlijk wordt opgevat. Zorg er bijvoorbeeld voor dat jullie eerder kunnen komen en ze rustig kunnen feliciteren en niet in een zaal bomvol mensen.

Blijf bij je kind en houd contact

Blijf kijken hoe het gaat en laat je kind niet aan zijn lot over. Neem hiervoor de tijd en maak afspraken met je partner. Neem ook pauzes als je kind zich niet op zijn gemak voelt. En blijf het ook af en toe checken als het goed lijkt te gaan. Blijf in verbinding;

Onthou dat het hele nieuwsgierige kinderen zijn!

Introverte kinderen zijn vaak hondsnieuwsgierig. Spreek ze hierop aan! Ga samen na wie toch die lekkere hapjes heeft gemaakt. Of welk instrument de band bespeelt. Hoe zou het werken? Waar zou dat weggetje uitkomen? etc.

Blijf spelen! Maak vooral plezier. Maak het niet zwaar en moeilijk

Blijf spelenderwijs ontdekken. Start dus niet met: we gaan naar een groot feest met heel veel mensen en dat zal je wel veel te druk vinden. Dan is meteen de toon gezet. Maar: Tante Marietje en oom Pietje zijn 25 jaar getrouwd en geven een groot feest. Er komen heel veel mensen. Hoe zouden we ….

Zoek een maatje

Als er een ander kind aanwezig is die het kent, vraag die erbij. Neefjes of nichtjes die hij of zij al kent bijvoorbeeld. Of een ander familielid zoals opa of oma. Daar kunnen ze zich aan optrekken en het kan ze verleiden om deel te nemen.

Reduceer overprikkeling

Wees alert op teveel prikkels. Dat kan door bijvoorbeeld een zonnebril op te zetten op een mooie dag, even naar buiten te lopen als de muziek wel erg hard staat etc.

Tot slot hebben deze kinderen tijd en rust nodig om alles prikkels te verwerken. Dit is vaak stilte. Dus zorg hiervoor na een (nieuwe) activiteit. Door buiten te lopen in de natuur, door een boek te lezen, door creatief bezig te zijn, zich terug te trekken in hun kamer etc. Dit is hun gezonde manier om weer in balans te komen. Ze laden weer op.

Als je kind moeite heeft om deel te nemen aan (nieuwe) activiteiten kun je een paar dingen doen: Je neemt hem of haar gewoon mee, óf je kind blijft thuis, óf je neemt je kind bij de hand en gaat dit samen oefenen. Mijn voorkeur gaat uit naar het laatste. De wereld staat namelijk bol van activiteiten en prikkels en het heeft geen enkele zin om kinderen hiervan weg te houden of deze te vermijden. Anders leren zij dit nooit! Ze tegen hun zin meeslepen zal ook averechts werken want ze zullen dan bol staan van de stress. Maar je kunt je kind hier wel bij ondersteunen zodat ze door ervaring leren hoe ze hiermee om kunnen gaan. Maar hoe pak je dat nou aan?

Maak onderscheid in drie type activiteiten

Allereerst kan het helpen om een onderscheid te maken in drie typen activiteiten. Denk aan:
1) Essentiële activiteiten: dit zijn activiteiten die moeten, waar geen discussie over gevoerd wordt zoals: school, dokter of andere medisch noodzakelijke afspraken, zwemles etc;
2) Geheel vrijwillige activiteiten: bij deze activiteiten is je kind geheel vrij om te kiezen of het wel of niet deel wil nemen. Het voordeel is dat er dan geen druk op zit, je kind leert om zelf prioriteiten te stellen en het leert ook dat het zelf een keuze kan maken en hiervoor de consequenties draagt (innerlijk leiderschap);
3) Waarschijnlijk de lastigste: belangrijk maar niet essentieel. Denk hierbij aan verjaardagsfeestjes en andere vaak sociale verplichtingen. Hier moeten jullie samen uitkomen.

In het laatste geval kunnen de volgende vragen helpen om een besluit te nemen:

  • Hoe belangrijk is dit voor je kind <-> voor jou?
  • Hoeveel heeft dit te maken met de verwachtingen van de buiten wereld?
  • Hoe belangrijk is het dat het NU gebeurt? Kan het ook wachten?
  • Hoe nieuw is deze activiteit?
  • Hoe stimulerend is de omgeving (is het een rustige verjaardag of de kermis)?
  • Hoe druk  is het de afgelopen periode geweest?
  • Zijn er alternatieven?

Maak dus eerst dit onderscheid en spreek dit samen door met je kind zodat hij of zij deze onderverdeling ook begrijpt en weet dat over essentiële activiteiten zoals school of een bezoek aan de huisarts geen discussie kan worden gevoerd. Dat je het over de twijfelgevallen samen zult hebben en je kind zelf totale keuzevrijheid heeft bij de geheel vrijwillige activiteiten. En let op, als bepaalde activiteiten  vallen onder een geheel vrijwillige keuze, laat dit dan ook écht helemaal vrij. En ga bijvoorbeeld niet op een schuldgevoel inpraten (Marietje zal het wel écht heel jammer vinden als je niet komt…) en vermijdt de mitsen en maren. Dus laat je kind echt helemaal vrij en laat je kind ook de eventuele consequenties van deze keuze zelf oplossen. Tot slot, zorg ook dat jij en je partner op één lijn zitten en voer hierover geen discussie waar je kind bij is. Dat maakt het alleen maar verwarrend.

Als eenmaal duidelijk is dat jullie iets gaan doen, bereid dit dan samen met je kind goed voor en blijf naast je kind staan. Over hoe je dit goed kunt voorbereiden en begeleiden schrijf ik meer in een volgende blog: Gaan doen!

Een tijdje geleden was ik bij een themabijeenkomst over regels en grenzen. Eén van de adviezen die werd gegeven was om je kinderen te belonen als ze zich aan de regels houden. De sheet op de powerpoint presentatie toonde een voorbeeld van een sticker beloningssysteem. Mijn nekharen kriebelde. Een beloningssysteem…. dat je zoiets gebruikt bij het opvoeden van je hond snap ik,  maar bij je kind heb ik het nooit begrepen.

Bij ons thuis…

Misschien komt het ook wel door mijn eigen opvoeding. Wij woonden boven de winkel van mijn ouders en ze werkten ruim 6 dagen in de week. Mijn ouders vonden het vanzelfsprekend dat we af en toe hielpen in de winkel of een klusje deden. Zij deden immers ook heel veel voor ons. Zo herinner ik mij een gesprek die ik ooit als kind met mijn vader voerde. Ik moet 12 geweest zijn en vroeg of ik de auto mocht wassen. Maar natuurlijk antwoordde mijn vader. Enne… wat krijg ik er voor pap? Hoe bedoel je? vroeg mijn vader. Nou wat krijg ik als ik de auto was? Met een brede glimlach zei hij: nou wat dacht je van een glimmende schone auto? Een heerlijk warm bedje vanavond? Een gezonde maaltijd. Dat je kleding wordt gewassen en gestreken? Is dat voldoende denk je?

Een goed rapport was je beloning voor je harde werk op school. En als je iets wilde hebben dan spaarde je je zakgeld en als dat niet snel genoeg ging dan zocht je een baantje zoals de auto wassen van de buurman. Spartaans? Ik geloof het niet. Mijn vader zou van zijn stoel van verbazing vallen als hij zou horen: Meid wat goed dat je op de wc hebt geplast: sticker! Jongen wat fijn dat je je kamer op hebt geruimd: zakgeld! Oh door naar het volgende badje met zwemles? Een ijsje!  Goed rapport? Geld! En die verbazing deel ik.

En nu?

Als ik om mij heen kijk wordt het zo vaak gedaan. In gezinnen. Op scholen. Het wordt geadviseerd op informatieochtenden. Er bestaat zelfs een hele website met gratis beloningskaarten!  Maar tegelijktijd vraag mij serieus af: helpt het? Want wat als je kind keihard werkt en het gewoon nog niet lukt met zwemmen of het tempo op school te hoog ligt? Krijg je dan minder of niks? Daarnaast kan het ook averechts werken. Zo ontdekte ik laatst dat mijn dochter iets niet had vertelt aan juf omdat ze bang was dat ze ‘anders geen sticker zou krijgen’…

En dan even heel praktisch. Ik kan beginnen met stickers, daar is mijn 3 jarige nog wel blij mee maar bij mijn 8 jarige hoef ik er echt niet meer mee aan te komen. Wat doe je dan? Ik lees op een website verschillende suggesties zoals ‘ éen uurtje iets leuks doen met mama’ Huh? Moet ik dan eerst wachten tot mijn dochter 10 stickers heeft geplakt voordat ik iets leuks met haar kan doen?

Ik merk dat ik er echt moeite mee heb. Tuurlijk krijgen mijn kinderen wel eens iets leuks maar ik probeer het niet te koppelen aan een prestatie of ‘gewenst gedrag’. Whatever gewenst gedrag ook moge betekenen. Dus we nemen de oude regel van mijn ouders over en geven geen geld voor een rapport maar gewoon omdat het vakantie is.

Simpelweg blij zijn met je prestatie of het puur doen voor het plezier is toch genoeg? vraag ik mij af. Toen ik deze overpeinzing aan manlief voorlegde zei hij met een brede lach: nee, schat. Kijk maar in het huidige bedrijfsleven. Als bij onze salesafdeling weer een klant is binnengehaald, gooien ze een balletje in een plastic buis. En bij x-aantal balletjes gaan ze als beloning iets leuks doen. Alleen het salaris is niet voldoende. Echt?!? Echt… Ik word echt oud geloof ik…

Ja hoor! Daar heb je Janne weer! Hoe vaak ik die opmerking in mijn leven heb gehoord is inmiddels niet meer te tellen. Meestal was het in reactie op een vraag of opmerking van mijn kant. Een vraag die als kinderachtig werd bestempeld. Naïef zelfs. Het gevolg was dat ik mij in begon te houden tegen volwassenen. Mijn mond hielt want blijkbaar waren het ‘domme’ vragen en begreep ik er weer eens niets van. Stelde ik het te eenvoudig voor. Terwijl mijn vraag oprecht was. Ik ben hondsnieuwsgierig moet je weten. Misschien vind ik kinderen daarom ook zo leuk, die hebben er ook lol in om op zoek te gaan naar een antwoord. En zelf vragen te stellen.

Totdat ik mij realiseerde dat mijn kinderlijk eenvoudige vragen, soms verdomd lastig te beantwoorden zijn. Dát roept weerstand op: men weet het antwoord niet. Men zit vast zat in dogma’s en routines. Eigenlijk weten ze niet precies waarom ze doen wat ze doen. Zo hoort het. Dat doet iedereen toch? Dat is toch normaal? Maar is dat écht zo? Ik denk het niet want steeds meer mensen lopen hierin vast.

Mentale kreukels

Dat blijkt ook in het programma ‘Sophie in de mentale kreukels’ van Sophie Hilbrand. Uit onderzoek blijkt dat 1 op de 7 werkende mensen last heeft van burn-out klachten en dit probleem lijkt alleen maar groter te worden. In dit programma onderzoekt ze op een ontwapende manier waardoor dit komt. Teveel stress blijkt een grote boosdoener te zijn. Jong en oud rent van hot naar her, proberen tig ballen tegelijk in de lucht te houden, willen voldoen aan de verwachtingen, zitten in overleven en op een gegeven moment is het op. Gaat het licht uit. En gaan ze heel hard aan het werk om weer uit de mentale kreukels te komen. Maar hoe doe je dat? En nog fijner: hoe voorkom je dat het zover komt?

Blijf spelen!

Mijn eerste gedachte? Blijf spelen! En vlak daarna werd ik meteen door mijn innerlijke criticus om mijn oren gemept: ja hoor! Daar heb je Janne weer! Zo eenvoudig is het niet hoor! Wordt toch eens volwassen! BAM BAM BAM. Maar even later dacht ik: waarom zou het een raar streven zijn? Wat is er mis met spelen? Hoe gaaf is het als iedereen, groot of klein, dat (weer) zou gaan doen? Let wel, spelen is voor mij niet alleen een bezigheid, het is een state of mind. Voor mij is spelen met wat er (nu) is, actief ontdekken wat de mogelijkheden zijn. En ik snap dat het niet altijd makkelijk is maar van de intentie om te blijven spelen maakt mijn hart een sprongetje.

Want door te spelen kom en blijf je in beweging. Van passief naar actief. Het zorgt ervoor dat je kijkt naar de mogelijkheden in plaats van alleen de problemen. Als je écht speelt, heb je plezier en vergeet je de tijd. Het maakt nieuwsgierig waardoor je nieuwe dingen uitprobeert. Ben je niet bang om fouten te maken omdat je wéét dat je door deze ervaringen leert hoe de dingen écht werken en anders kunnen. Het geeft energie en ontspant. Het zorgt voor plezier, creativiteit en geeft voldoening. Toch?

Dus…

Waarom doen we dat dan niet? Wat houd jou tegen? Dáár ben ik oprecht benieuwd naar! En wat houdt mij tegen deze missie in de wereld te zetten? Als ik daar nog eens goed over nadenk is dat… just me, myself and I. Het wordt tijd dat nu te veranderen!

Luisteren…écht luisteren is lang niet altijd makkelijk.
Deze tekst van Leo Buscaglia vind ik een prachtige reminder.

Luisteren

Als ik je vraag naar mij te luisteren,
en jij begint mij adviezen te geven,
dan doe je niet wat ik je vraag.

Als ik je vraag naar mij te luisteren,
en jij begint mij te vertellen,
waarom ik iets niet zo moet voelen als ik het voel,
dan neem je mijn gevoelens niet serieus.

Als ik je vraag naar mij te luisteren,
en jij denkt dat jij iets moet doen,
om mijn probleem op te lossen,
dan laat je mij in de steek hoe vreemd het ook mag lijken.

Misschien is dat de reden,
waarom voor sommige mensen bidden werkt,
omdat God niets terug zegt,
en Hij geen adviezen geeft,
of probeert om de dingen te regelen,
Hij luistert alleen maar en vertrouwt erop,
dat je er zelf wel uitkomt.

Dus, alsjeblieft, luister alleen maar naar me,
en probeer me te begrijpen.

En als je wilt praten wacht dan even,
en ik beloof je,
dat ik op mijn beurt,
naar jou zal luisteren.

Tsja… het wordt tijd om toch maar te gaan waarschuwen. Noem het verwachtingsmanagement. Ik heb geleerd dat de voorwaarde hiervoor ‘open communicatie’ is. Nou daar gaat ie:

Ouders komen bij mij omdat zij (of hun kind) een vraag hebben. Omdat ze ergens mee worstelen. Na een uitgebreid oriëntatiegesprek en alleen als ik denk dat ik jullie hier mee kan helpen doe ik een voorstel. Anders niet. Nou ja, dat is niet helemaal waar: dan kijk ik binnen mijn brede netwerk of ik wellicht iemand ken die jullie verder kan helpen en zal dát adviseren. Als jullie besluiten met mij in zee te gaan en we gaan aan de slag, dan gaat er hoe dan ook ‘iets’ veranderen.

Betrokkenheid ouders

Als het een hulpvraag van jouw kind is dan heb ik jullie als ouders daarbij nodig. Allebei. Denk dus niet dat jullie alleen je kind hoeven te brengen en ik het dan wel ‘even fix’. Zo werkt het niet. Heus niet. Ik kan het namelijk niet alleen. Sessies werken door en jouw kind heeft daar thuis ook ondersteuning bij nodig. Ik ga naast jullie staan. En naast je kind. Ik kijk mee. Spiegel. Beide kanten op. Ik bied handvatten. Deel mijn kennis en ervaring. En let wel: het is niet altijd serieus. In plezier en ontspanning zit beweging en liggen vaak de mooiste openingen en oplossingen. Het vergt dus niet alleen inzet van mij maar van iedereen. Want trekken aan dode paarden weiger ik. En natuurlijk sta ik jullie hierin bij. Ik ondersteun en begeleid zowel de ouders als het kind. Met als ultieme doel dat jullie het straks weer alleen kunnen. Zonder mij.

Veranderingen kind

Maar dat betekent ook dat bijvoorbeeld een onzeker kind, zekerder wordt. Sterker in zijn schoenen gaat staan. Assertiever wordt. Leiding gaat nemen over zijn of haar eigen leven. Zijn of haar eigen mening gaat uiten. Nee gaat zeggen. Ook tegen jou… Willen jullie dat niet? Onderneem dan vooral geen actie.

Mochten jullie dit wél willen: neem gerust contact op. Jullie zijn van harte welkom! Ik doe dit werk met liefde en help jullie graag. Maar jullie zijn gewaarschuwd…

In de maanden november en december is het een achtbaan bij ons thuis. Het zijn altijd twee knetterdrukke maanden. Het begint bij de viering van Sint Maarten op 11 november. Langs alle deuren met een zelfgemaakte lampion. Hoeveel snoep zullen ze dit jaar bij elkaar zingen? Vlak daarna komt Sinterklaas aan in Nederland. Tenminste als alles goed gaat met de boot. Ojee… waar zijn die pakjes nou toch gebleven?! Als dat maar goed gaat! En als deze beste man net per helikopter of boot het land weer heeft verlaten staat het volgende event alweer op de agenda: de verjaardag van man én dochterlief. En dan hebben we het niet eens over de andere vele verjaardagsfeestjes in deze periode. Want iedereen plant dat ook nog even vóór de kerstvakantie. Achja, bijna vergeten! Kerst… met kerstdiners, kerstontbijten… Pff… ik weet niet hoe het bij jullie thuis is maar soms zou ik de tijd zo vooruit willen spoelen naar 2 januari….

Het is natuurlijk allemaal hartstikke leuk maar mijn kinderen zijn door alle festiviteiten totaal overprikkelt. Dat uit zich vooral in bleke gezichtjes, lange tenen en korte lontjes. Ze hebben last van hun buik en/of kunnen niet slapen. Er hoeft maar íets te gebeuren of ze gaan volledig uit hun dak, gevolgd door een fikse huilbui. We proberen het te ondervangen door zo min mogelijk daarnaast te doen. Door ze uit hun dak te laten gaan en te laten huilen tot de tranen op zijn. Rustmomenten in te bouwen. Te zorgen voor gezonde voeding. Massages. Naar buiten te gaan en fysiek te bewegen. Op tijd te gaan eten en slapen. Kortom: practise what you preach! En ik moet zeggen dat het dit jaar best goed gaat maar ik moet ook bekennen dat het niet altijd even makkelijk is, om geduld op te blijven brengen na de zoveelste uitbarsting. Het betekent dan ook goed voor mijzelf blijven zorgen door eigenlijk precies hetzelfde te doen én door keuzes te maken om bepaalde dingen niet te doen. Ook al zijn ze nog zo leuk …

Vooral mijn middelste dochter is het snel teveel. Toen ik haar vorige week van school ging ophalen kwam er een bleek meisje naar buiten en ik realiseerde mij: ze is op. En ik ook. Dus ik besloot: No matter what, we doen niks vandaag. ” Mama mag hij bij ons spelen?,,. ” Nee lieverd vandaag niet,,. ” Waarom niet?,,Vanochtend heb ik er ruim een half uur over gedaan om je überhaupt wakker te krijgen en je ziet er bleek en moe uit. Zelf ben ik ook moe. Vandaag doen we daarom helemaal niks,,. Even was het stil. Toen stortte ze zich ten gronde. Gillend. Krijsend. “ Ik ben helemaal niet moe mama! Echt niet!! En vanochtend ook niet, ik was aan het nep slapen mama!,, Ik hielt mijn poot stijf. ” Ik snap dat je heel graag wilt dat hij komt spelen en dat je teleurgesteld bent maar vandaag mag het niet,,. Woest werd ze. Schreeuwend en huilend liep ze de school in om haar fietssleutel te pakken. Op de terugweg kwam ze haar juf tegen die vroeg: ” ben je verdrietig?,,  “Ja!,, en ze stampte door. ” Waar is je moeder?,, “Hier,, zei ik. Vragend keek ze mij aan. ” Ze is boos op mij omdat ze niet met iemand mag spelen vandaag, we gaan niksen,,. ” Ze is moe hè,,? fluisterde juf. Ik knikte. Daarom juist. “Ja,, zei juf, ” ze zijn allemaal op. Het is ook zovéél in deze periode. Alles komt tegelijk lijkt wel…,,

Mijn dochter was het uitaard totaal niet met mij eens. Sterker nog: ik was de stomste moeder van de hele wereld. Echt! En het gekke was, hoe hysterischer ze werd, hoe rustiger en zekerder ik van mijn zaak werd dat het een goede keuze was. Het schoolplein was inmiddels bijna verlaten toen we naar huis konden gaan. Nog steeds kwaad fietste ze een eind voor me. Ze trapte al haar boosheid weg. De afstand tussen ons werd steeds kleiner. “Mama?,, zei ze met een piepstem. ‘”Wil je mij duwen? Ik ben moe,,. We waren nog niet eens op de helft. Ze voelde opeens haar lijf en hoe moe ze was. Daar was ik blij om maar zei niets. ” Natuurlijk lieverd,,. Eenmaal thuis was het goed. We hebben die middag weinig gedaan. Toen ik haar vroeg op bed legde en weg wilde gaan zei ze opeens: ” Mama? Toch wel fijn dat hij niet bij mij mocht spelen vandaag…,, Glimlachend deed ik het licht uit. ” Fijn, slaap lekker lieverd…,,

Na ruim een half jaar voorbereiden kreeg ik eindelijk toestemming: ik mocht een vuurloop geven op het HEMbrugterrein in Zaandam. YES! Ik had nog maar anderhalve week om het de wereld in te gooien en moest vol aan de bak. Nu was dit extra aanpoten want het akkoord kreeg ik midden in de herfstvakantie, er dwarrelden vijf kinderen door mijn huis en de week voor de vuurloop verbleef manlief in het buitenland. Kortom het waren heel veel ballen die in de lucht gehouden moesten worden en ik had geen tijd om te voelen. Het was simpelweg gáán.

En toen kwam daar, twee dagen voor de vuurloop, een grote vrachtwagen het terrein opgereden. De chauffeur leverde keurig ruim 1,5 kuub hout af en verdween weer. Daar stond ik. Alleen. In stilte. Met een pallet vol hout. En opeens realiseerde ik me: Holy Moly, het is gewoon gelukt! Ik ga vuurlopen over twee dagen. Het is écht! Ik kreeg het opeens spaansbenauwd.

In plaats van in een feeststemming te belanden, vroeg ik me opeens af waar ik in godsnaam aan was begonnen. Ik dreigde zelfs lichtelijk in paniek te raken. En wat doet deze vrouw als zoiets gebeurt? Een vuurtje maken. Ja echt. Het werkt voor mij. Ik word er rustig van. Kom weer tot mijzelf.  En terwijl de paniek zakte en ik weer rustig werd besefte ik mij dat ik helemaal niet bang was dat er iets mis zou gaan. Dat ik niet bang was dat iemand zijn voeten zou branden. Of dat er iets in de fik zou vliegen. Ik wéét dat ik dit kan. Ik wéét dat het op die plek veilig is. Daarnaast had ik een dijk van een team om mij heen: Samantha Maranus van het Vuurkompas en Anja van Wijk van Avontuurkindercoaching dus dat ging zeker helemaal goed komen. Op deze twee vrouwen kan ik immers blind varen. Maar wat zorgde dan wel voor die plotselinge benauwdheid en die lichte paniek? En opeens schoot het prachtige tekst van Marianne Williamson door mijn hoofd:

” Onze diepste angst is niet dat we niet goed genoeg zijn,
onze diepste angst is dat we bovenmatig krachtig zijn.
Ons licht, niet onze duisternis, boezemt ons angst in.
We vragen onszelf af wie we wel zijn
om te denken dat we briljant, geweldig, talentvol en fabelachtig zijn
maar wie ben je eigenlijk om dat niet te zijn ?

Je bent een kind van God
en jezelf kleineren dient de mensheid niet.
Er is niets verlicht aan jezelf inhouden
opdat mensen rondom jou zich niet onzeker zouden voelen.

We zouden allemaal moeten stralen, zoals kinderen dat doen.
We zijn geboren om de glorie van God,
die in ons allen aanwezig is,
te laten zien.

En als we onszelf in onze eigen kracht tonen,
geven we andere mensen onbewust toestemming
hetzelfde te doen.

Als we vrij van angst zijn,
maakt onze aanwezigheid anderen ook vrij.”

Deze tekst heeft jaren op het toilet gehangen. Ik snapte het met mijn hoofd maar nu voelde ik het tot in mijn tenen: dát was het: onze diepste angst is dat we bovenmatig krachtig zijn. Ons licht, niet onze duisternis, boezemt ons angst in.” Ik was niet bang dat er iets mis zou gaan. Ik vroeg me eerder af wat ik bij deze mensen teweeg zou gaan brengen. Een vuurloop is een powertool moet je weten. Je kunt er met je hersenpan niet bij, het werkt op alle lagen door. Zo heeft het ook mijn leven veranderd. Na 15 jaar bedrijfsleven heb ik besloten mijn hart te gaan volgen. Mede dankzij deze ervaring ben ik ervoor gegaan. Die ervaring gun ik deze mensen ook maar welk effect zal het op ze hebben? Wat ga ik teweeg brengen?!  En dat was niet het enige, besefte ik me toen een vriendin appte: ” Bijna de vuurloop! Ik vind je zo stoer Janne: nu word je zichtbaar! Je gaat er gewoon voor staan. Zet hem op! ” Oh man. Weer een vlaag van benauwdheid. Verdomd. Iedereen kijkt straks naar mij. Ik ga ze eroverheen leiden. Hoe spannend is dát?

En nu, ruim een maand later, hoor ik zulke mooie verhalen van de deelnemers. Dan stroomt mijn hart over. Het maakt me zo trots op de dag die we met z’n allen hebben neergezet. En het motiveert mij enorm om dit prachtige werk als coach en vuurlooptrainer te blijven doen. Want het bevestigt voor mij het stuk:

” En als we onszelf in onze eigen kracht tonen,
geven we andere mensen onbewust toestemming
hetzelfde te doen.”

En als iedereen zijn eigen kracht toont, wordt de wereld toch zoveel mooier. Daar ben ik van overtuigd… Aho!

Precies een jaar geleden stond ik voor een volle zaal. Op een podium. Achter een katheder die op een verhoging stond. Mét microfoon. Een paar dagen eerder was ik er gaan kijken met een goede vriend van mijn vader. Ik wist dat er een podium was maar waarom staat die katheder ook nog eens op een verhoging? vroeg ik verschrikt. Zodat alle mensen je goed kunnen zien merkte hij droog op. Ohja…

Het was de begrafenis van mijn vader. Er waren veel mensen van het dorp die mij óf niet kenden (mijn ouders hadden toch twee kinderen?) óf die mij herinnerden als een verlegen kind. Maar dat was ik niet. Weet ik nu. Zoals veel kinderen ten onrechte als verlegen worden bestempeld.

Verlegen is volgens de Van Dale:
1) bang, terughoudend in de omgang; bedeesd, beschroomd.
2) in moeilijkheden verkerend; gebrek hebbend.

Ja, ik was een stil en rustig kind. Ik speelde het liefst buiten in de natuur. Ik kon uren kleuren op mijn kamer of puzzeltjes maken en mijzelf verliezen in boeken. Nee, ik stond niet elk weekend in de plaatselijke discotheek of vooraan bij feestjes en partijen. Maar ik was niet bang en verkeerde ook niet in moeilijkheden. Sterker nog ik vond het heerlijk. Veel stille en introverte kinderen houden, net als ik, simpelweg meer van rustige omgevingen, luisteren liever dan ze zelf praten, hebben een rijk en intens gevoelsleven, hebben een goed concentratievermogen, zijn hele goede waarnemers, kunnen prima alleen zijn, zijn creatief en innovatief  en beschikken juist over hele goede sociale vaardigheden.

Maar vaak wordt dit niet begrepen en worden deze kinderen geforceerd om mee te doen, worden ze op een assertiviteitstraining gestuurd of is er ongeduld (‘stel je niet aan’, ‘wat is er mis’). Het lijkt net alsof een grote vriendengroep en meedoen met veel sociale activiteiten, gelukkig maakt maar dat geldt niet voor ieder kind. Sterker nog: het werkt vaak averechts. Wat dan wel? Geef deze kinderen de tijd en rust die ze nodig hebben. En begeleid ze bij nieuwe uitdagingen want dáár hebben ze vaak veel moeite mee. Niet omdat ze onzeker zijn maar omdat ze de dingen graag willen overzien en meer tijd nodig hebben om de informatie te verwerken. Want als deze kinderen zich veilig en comfortabel voelen zullen ze je enorm positief verrassen!

Zoals ik deed. Een jaar geleden. Door daar te gaan staan en mijn verhaal te vertellen. Vanuit mijn hart. Nog steeds wordt ik aangesproken door mensen die erbij waren. Dat ze zo geraakt waren.  Dat ik daar stond. Zo krachtig in al mijn kwetsbaarheid. Dat hadden ze niet verwacht. Althans… behalve de mensen die mij echt kennen…


Heb je een introvert kind maar vind je dit lastig? Een paar jaar geleden heb ik hier een e-book over geschreven die je misschien kan helpen. Je vindt hem bij inspiratie.
 

Naast me staat een meisje. Ze is 9 jaar.

Ze twijfelt. Zal ik gaan vuurlopen? Of niet. Zal ik het doen? Of niet.

Opeens zegt ze: ” ik vind het zo spannend!

Ja het is ook spannend.

Maar ik vind het zó spannend“, herhaalt ze.

Ja dat mag. Voel dat maar, dat je het spannend vind. ”

Ze blijft staan, voor het vuurpad. In stilte.

Plotseling vraagt ze aan de volwassenen: “Willen jullie harder zingen?”

Dat doen ze.

Voor haar.

En dan maakt ze een keuze.

BAM daar gaat ze.

WOW.