Berichten

Ik zie veel kinderen die in beelden denken, net als ik. Niet iedereen begrijpt dat. Er is geregeld onbegrip. Een poging tot uitleg!

Wat je niet ziet, dat is er niet! Is mijn motto als ik aan het schoonmaken ben. Lekker makkelijk hè? 🙂

Jaren heb ik gedacht dat dit ook gold, voor de dingen die ik aanvoelde. Sterker nog, ik dacht, dat mijn mensenkennis 0,0 was. Want als ik voelde dat er iets speelde en ik vroeg er naar werd het meestal totaal ontkent. Daardoor raakte ik er van overtuigd dat ik het vast ‘verkeerd zag’. Het was immers niet tastbaar, ik kon het niet bewijzen.

‘Ik heb er wat meer over gelezen,
en ik denk… dat ze HSP heeft’,
vertrouwt een moeder mij toe,
op het schoolplein.
Ze zegt het bijna fluisterend.

‘Jij kent het toch wel?’
Ik knik.
‘ maarre… het is geen stoornis toch?
zoals ADHD, PDD enzo.
Het schijnt dat heel veel kinderen HSP zijn,
want je BENT het hè?
Je hebt of krijgt het niet.
Sterker nog, ik denk dat ik het zelf ook ben.’
Vragende ogen kijken mij aan,
op zoek naar bevestiging.

Ik voel mij op dat soort momenten,
altijd licht ongemakkelijk.
Tsja… start ik aarzelend,
‘ stel dat het zo is,
wat zegt dat voor jou?
Maakt het uit?
Verandert er iets? ‘

‘ Nee! Maar het verklaart wel,
waarom ze zo snel overprikkeld is,
haar sokken zo kriebelen,
ze alles lijkt te horen en te zien,
ze heel begaan is met anderen,
ze sfeergevoelig is,
moeite heeft met veranderingen,
en ze zoveel fantasie heeft.’

Ja. Ok. Dat snap ik.
Want als ik eerlijk ben,
toen ik jaren geleden voor het eerst hoorde over HSP,
was het een feest van herkenning,
en toch bleef er een stemmetje piepen:
OK, geef het beestje een naam. Enne… now what?

Dus aangezien Google your best friend is,
heb ik die maar eens geraadpleegd:
“ Hoe om te gaan met een HSP kind? ”
‘ Zorg voor een veilige omgeving’
‘ Wees een open boek voor je kind’
‘ Wees begripvol’
‘ Ga de natuur in’
‘ Accepteer je HSP kind zoals hij of zij is’
Ik weet niet wat er met jou gebeurt,
maar ik krijg hier heel erg de kriebels van,
want dit geldt toch voor alle kinderen?
Of heb ik het nu mis?

Alsof het extra kwetsbare kinderen zijn,
die we allemaal moeten beschermen,
tegen de boze buitenwereld.
Terwijl deze kinderen, net als alle kinderen,
mateloos krachtig zijn,
als er een goede balans is:
tussen binnen en buitenwereld,
tussen mijn en dijn,
tussen spanning en ontspanning,
tussen hoofd en hart,
tussen controle en vertrouwen.

En die balans vinden,
is in mijn beleving,
voor iedereen belangrijk,
en voor iedereen anders,
of je nu HSP bent of niet.
Het is een gegeven,
waar je mee kunt leren dealen,
net als ik.

Daarom werk ik alleen op maat,
heb ik geen standaard stappenplannen en tips,
maar wel een enorme bak kennis en ervaring.
Daarmee ga ik naast jullie staan,
groot en klein, en kijk ik mee.
Gaan we samen op zoek naar de balans:
waar ga je op onderuit?
en wat werkt als je uit verbinding schiet?
En hoe kun je als ouder hierin ondersteunen?
Zodat jullie zelfredzaam worden,
op eigen benen gaan staan,
en kunnen blijven spelen!

Meer weten? Neem gerust contact op.

Gisteren heb ik aan den lijve mogen ervaren wat stress doet met mijn lichaam. Het is vakantietijd dus druk in huis met drie meiden. Logeerpartijen, uitjes, zoete inval van vriendjes en vriendinnetjes. Reuze gezellig maar ook een boel geregel en druk. Deze dag was echter anders. Deze dag ging ik lekker naar mijn praktijk. Thuis de boel de boel. Ik had er zin in!

Nu heb ik de gewoonte om ruim van tevoren aanwezig te zijn als ik een afspraken heb. Om te scharrelen, de ruimte klaar te maken, thee te zetten, dingetjes voor te bereiden voor de dag. Dat vind ik fijn. Ik heb even tijd nodig om te landen zodat ik echt aanwezig kan zijn. Zo begon ik gisteren dus ook. Eenmaal klaar keek ik op de klok, nog 20 minuten voor de eerste afspraak. Tijd voor een kopje thee en even in stilte voelen. Wat heb ik nodig? Heb ik alles voor straks? Met welke intentie ga ik de volgende afspraak in?

En toen opeens: TRRRRRRRR Een enorm kabaal. Niet zomaar herrie. Een klophamer was in de muur gezet, slijptollen gingen aan. Het dreunde door mijn hele lijf heen. Mijn hartslag vloog omhoog, mijn alertheid ging in de hoogste stand, mijn ademhaling stokte. Wat was dit?!? Ik keek naar buiten, werklui hadden een steiger tegen de gevel geparkeerd vlak naast mijn raam. We gaan de gevel opknappen mevrouw! We zijn de hele dag bezig TRRRRRRRRR. O nee! Zo kan ik hier niet werken. Ik kan mezelf amper horen denken. Een vlaag van paniek trok door mijn lijf.

In een roes ben ik direct gaan bellen en heb ik afspraken verschoven. Ik kon de ander amper verstaan door de herrie. Daarna was het even minder en probeerde ik een e-mailbericht te versturen. TRRRRRRR Weg! Ik moet hier weg! Het geluid dreunde door mijn hele lijf. Een zin typen was al lastig. Dit had geen enkele zin. Ik heb mijn spullen gepakt, heb de deur achter mij dichtgetrokken en ben op de fiets gestapt.

Overprikkeling

Ik herken dit bij veel kinderen, alleen hebben die er vaak (nog) geen woorden voor en dat is ook niet zo gek. Om goed te functioneren moet je brein in staat zijn om contact te houden tussen je gevoel (reptielen en zoogdierenbrein) en je verstand (neo-cortex). Indien dit in balans 
is kun je helder nadenken en overzicht bewaren. Lukt dit niet doordat je meer prikkels krijgt dan je kunt verwerken op dat moment, blokkeer je, nemen je zoogdieren- brein en je reptielenbrein het over en stap je in overleven. Op dat moment kunnen er grofweg drie dingen gebeuren: de ene trekt zich terug (vluchten), de ander raakt geïrriteerd en krijgt driftbuien en/of woede aanvallen (vechten) en weer een ander bevriest en doet niets meer (bevriezen). Dit noemen we ook wel het vecht-, vlucht- of verstijf respons.

Ik was vol in vlucht respons gestapt. Inmiddels weet ik dat ik een grote gevoeligheid heb voor geluid. Zeker als het onverwacht zo hard binnenkomt en door dendert in mijn hele lijf. Dan slaat alles in het rood en het enige wat ik dan wil is weg. Eenmaal op de fiets werd ik weer wat rustiger. Mijn alertheid zakte, mijn hoofd werd langzaam weer een beetje helder, mij hartslag daalde. En ik voelde opeens dat ik boos was. Boos omdat dit zo onverwacht was. Boos omdat ik op het laatste moment had moeten afbellen en daar hou ik niet van. Boos omdat, nu ik weer wat rustiger was, andere mogelijkheden in mijn hoofd opkwamen zoals ergens anders afspreken. Of….

Hersteltijd

Door de fysieke beweging en de buitenlucht kwam ik weer bij mezelf. Met de nadruk op langzaam want ik had echt even de tijd nodig om die stress reactie kwijt te raken. Dat merkte ik vooral aan het feit dat mijn lontje het eerste uur nadat ik thuis was, nog erg kort was. ” Meiden nu even niet! Laat me nu heel even iets voor mijzelf doen. En nee, ik ga nu niet naar de stad!” Het grote voordeel is wel dat ik nu in staat ben om het mijn kinderen uit te leggen wat er met mij gebeurt en dat ik rust nodig heb om weer bij mezelf te komen. En het mooie is, dat geven ze mij dan ook direct. Omdat ze haarfijn aanvoelen dat dit klopt.

De sleutel

Nu de rust weer terug is, realiseer ik mij dat ik dit zo vaak bij kinderen zie gebeuren. Dat de reactie op teveel prikkels later komt en er bij derden onbegrip ontstaat over het korte lontje, de drift- en huilbuien waardoor er nog meer spanning ontstaat. Vooral omdat het vaak niet uit te leggen is of het directe verband niet meteen zichtbaar is. Daarnaast is de hersteltijd vaak te kort. Tada! Een vicieuze cirkel is geboren. Maar wat dan? Laat je kind zich uiten. Bedenk dat het ontladen is en niets met jou te maken heeft. Ze zijn ook niet in staat die woorden op dat moment te vinden. Daarvoor moeten ze eerst tot rust komen. 

Dus vraag er eventueel nog eens naar als de rust wedergekeerd is. Maar nooit in het moment zelf. Laat uitrazen, ga stoeien, een stuk lopen, hou ze vast. Wees aanwezig. Maar sus het niet. En net zo belangrijk: biedt daarna ruimte voor hersteltijd. Genoeg ontspanning en stilte is vaak de sleutel. Dan komen ze weer bij zichzelf. In hun stille midden. En vaak stromen de woorden dan vanzelf, zonder dat je er om hoeft te vragen…

Wat mij opvalt bij introverte kinderen is dat ze vaak een langere aanloop nodig hebben maar als ze zich eenmaal veilig en ontspannen voelen, dan gáán ze! En bij die aanloop kun je ze heel goed ondersteunen. Voorbeeld? Volgende week gaan jullie gaan naar het grote 25e huwelijksfeest van je zus. Een feest die je niet wil missen en waar je graag met je gezin naartoe wilt gaan. En waarvan het je grote wens is dat iedereen het naar zijn zin heeft. Hoe zou je dat aan kunnen pakken?

Introduceer het ruim van tevoren en kijk hoe erop wordt gereageerd.

Als je iets gaat doen, vertel het dan het liefst ruim van tevoren. Wachten tot het laatste moment werkt averechts. Vertel dus zo vroeg mogelijk dat jouw zus, tantje Marietje, 25 jaar getrouwd is met oom Pietje en dat ze een groot feest geven. Vind je kind het leuk, spannend, angstig? Onthou dat alles er mag zijn, zonder oordeel! Dus als je kind het spannend vind, dan is het spannend. En niet: nee joh gekkie, dat is toch hartstikke leuk!

Afhankelijk van wat het is, kan het soms helpen om een aftelkalender te maken. Jonge kinderen hebben namelijk geen besef van tijd. Zo kunnen ze zien wanneer ze wat gaan doen. Teken er ook andere  bekende activiteiten bij en wat je erna gaat doen. Dus over 7 dagen is op zaterdag het grote feest van tante Marietje en oom Pietje. De dinsdag ervoor is het zwemles. Woensdagmiddag ben je lekker vrij en gaan we wandelen op het strand, de zondag na het feest blijven we lekker thuis etc. Dit kan met hele eenvoudige hokjes en icoontjes.

Maak samen een plan: wat gaan we doen en wat gaan we niet doen?

Maak dit zo concreet mogelijk. Dus we gaan in de ochtend eerst ontbijten, dan heb je lekker tijd om te spelen. Na de lunch gaan we met de auto naar het feest toe. Daar zijn we de hele middag en blijven we eten. Na het eten gaan we weer naar huis. Spreek ook af wat jullie doen als het teveel is. Denk aan materialen die je mee zou kunnen nemen. Neem bijvoorbeeld een kleurboek en stiften mee zodat jullie even kunnen afzonderen. Of een voetbal om een balletje over te trappen. Ook kun je afspreken eerder weg te gaan. Wat je ook afspreekt: hou je er aan! De afspraken moeten dus voor alle partijen kloppen.

Oefen eventueel thuis. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een rollenspel

Als je kind daar behoefte aan heeft kun je oefenen van te voren. We komen straks binnen en daar zullen oom Pietje en tante Marietje zijn. Die gaan we eerst feliciteren en een cadeau geven. Wat kun je zeggen? Hoe en wie geeft het cadeau? etc. Het hoeft geen ingestudeerd stukje te zijn maar het geeft wel houvast.

Ga eerst kijken of ga eerder.

Zorg bijvoorbeeld bij zo’n groot feest dat je er als eerste bent zodat je kind kunt wennen en niet meteen een drukke ruimte vol mensen binnen stapt. Dan kun je rustig even rondneuzen. Ontdekken waar de toiletten zijn, of er een ruimte is waar je eventueel even rustig kunt zitten. Maak er een ontdekkingsreis van. Maak eventueel ook afspraken van tevoren met het bruidspaar zodat ze op de hoogte zijn en er geen ongemakkelijke situaties ontstaan en het ook niet persoonlijk wordt opgevat. Zorg er bijvoorbeeld voor dat jullie eerder kunnen komen en ze rustig kunnen feliciteren en niet in een zaal bomvol mensen.

Blijf bij je kind en houd contact

Blijf kijken hoe het gaat en laat je kind niet aan zijn lot over. Neem hiervoor de tijd en maak afspraken met je partner. Neem ook pauzes als je kind zich niet op zijn gemak voelt. En blijf het ook af en toe checken als het goed lijkt te gaan. Blijf in verbinding;

Onthou dat het hele nieuwsgierige kinderen zijn!

Introverte kinderen zijn vaak hondsnieuwsgierig. Spreek ze hierop aan! Ga samen na wie toch die lekkere hapjes heeft gemaakt. Of welk instrument de band bespeelt. Hoe zou het werken? Waar zou dat weggetje uitkomen? etc.

Blijf spelen! Maak vooral plezier. Maak het niet zwaar en moeilijk

Blijf spelenderwijs ontdekken. Start dus niet met: we gaan naar een groot feest met heel veel mensen en dat zal je wel veel te druk vinden. Dan is meteen de toon gezet. Maar: Tante Marietje en oom Pietje zijn 25 jaar getrouwd en geven een groot feest. Er komen heel veel mensen. Hoe zouden we ….

Zoek een maatje

Als er een ander kind aanwezig is die het kent, vraag die erbij. Neefjes of nichtjes die hij of zij al kent bijvoorbeeld. Of een ander familielid zoals opa of oma. Daar kunnen ze zich aan optrekken en het kan ze verleiden om deel te nemen.

Reduceer overprikkeling

Wees alert op teveel prikkels. Dat kan door bijvoorbeeld een zonnebril op te zetten op een mooie dag, even naar buiten te lopen als de muziek wel erg hard staat etc.

Tot slot hebben deze kinderen tijd en rust nodig om alles prikkels te verwerken. Dit is vaak stilte. Dus zorg hiervoor na een (nieuwe) activiteit. Door buiten te lopen in de natuur, door een boek te lezen, door creatief bezig te zijn, zich terug te trekken in hun kamer etc. Dit is hun gezonde manier om weer in balans te komen. Ze laden weer op.